Herpes genitalis in zes vragen - VivaGezond

Herpes genitalis in zes vragen

This post is also available in: Frans

Herpes genitalis is wereldwijd een van de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoeningen. Deze virale infectie is meestal goedaardig, maar kan ernstige gevolgen hebben voor de levenskwaliteit. Vooral door pijnlijke en terugkerende symptomen, maar ook door de psychoseksuele gevolgen.

1. Wat zijn de kenmerken van herpes genitalis?

Herpes genitalis is een van de meest voorkomende seksueel overdraagbare aandoeningen. Meestal wordt het veroorzaakt door HSV-2. In de westerse wereld is HSV-1 (het virus dat verantwoordelijk is voor een koortsblaas) weliswaar de oorzaak van 15 tot 30% van de nieuwe gevallen. Een tintelend gevoel, gevolgd door een intens brandgevoel doet zich voor in de streek van de genitaliën tot aan de anus. Daarna verschijnen er blaasjes in de vorm van bubbels die openbreken en beginnen te zweren: de pijn is fel en branderig bij contact met urine of bij wrijving met kledij. Koorts en een griepachtige periode kunnen de voorbode zijn van de letsels. Zelfs wanneer de wonden verzorgd worden met een adequate behandeling, blijft het virus in het organisme aanwezig. Het vestigt zich in de zenuwknopen en breekt op min of meer regelmatige basis uit in de vorm van een ‘opstoot’. Daarna slaapt het weer in om vervolgens terug te keren.

2. Hoe wordt herpes genitalis overgedragen?

Een van de grootste angsten van patiënten met herpes is het risico om hun partner te besmetten. Het belangrijkste advies aan de patiënt is om tijdens de klinische recidieven en tot volledige heling van de letsels seksueel contact te vermijden. Penetratie is niet noodzakelijk om besmet te worden. Het virus kan ook overgedragen worden bij het cunnilungus of het fellatio of wanneer er seksspeeltjes gebruikt worden. Opgepast: besmetting is mogelijk van de mond naar het geslachtsorgaan en omgekeerd. Tijdens een opstoot wordt aangeraden elk seksueel contact te vermijden, zelfs met een condoom. Dat beschermt de ene partner enkel wanneer alle wonden van de andere partner bedekt zijn. Buiten de periode van een opstoot is het risico op overdracht van de ziekte minder groot. Sommige mensen kunnen in contact zijn geweest met het virus zonder ooit zichtbare tekenen van herpes te ontwikkelen. Ondanks de afwezigheid van symptomen, blijft besmetting mogelijk. Deze mensen zijn drager van het virus zonder het te weten. Reden te meer om altijd een condoom te gebruiken bij een nieuwe partner. Het condoom beschermt tevens tegen alle andere seksueel overdraagbare aandoeningen.

3. Bestaan er factoren die wederkerende opstoten bevorderen?

Er dient onderscheid te worden gemaakt tussen factoren die besmetting met het herpesvirus bevorderen (gevorderde leeftijd, verschillende seksuele partners, hiv-positieve persoon, immunosupressie als gevolg van kanker, transplantatie of aids, aantasting van de mucosa door radiotherapie of chemotherapie) en risicofactoren voor heractivering van de infectie (antecedenten van herpes labialis of herpes genitalis, koorts, emotionele stress, menstruatie, langdurige blootstelling aan de zon of uv-stralen, seksueel contact, weefselletsels, intercurrente pneumokokken- of meningokokkeninfectie).

4. Welke behandeling bestaat er?

Er bestaat geen enkele behandeling om een infectie met herpes uit te roeien. Bij een eerste opstoot verzwakt een antivirale behandeling de symptomen en wordt de genezingsperiode ingekort. De pijn van herpes genitalis is vaak erg hevig: ze kan het best verlicht worden door het gebruik van pijnstillers.
Bij een recidief moet bij het opduiken van de eerste tekenen snel worden ingegrepen. De behandeling moet opnieuw opgestart worden en men neemt opnieuw contact op met zijn arts.

De behandeling van herpesrecidieven gebeurt met dezelfde antivirale middelen. Voor een betere behandeling van de recidieven moet de patiënt de prodromen (branderig gevoel, prikkend gevoel, jeuk) leren herkennen. Als de behandeling binnen 24u is opgestart, is de kans groter dat een recidief behandeld wordt zonder dat er letsels ontstaan (episode afgewend).
Behandeling van de asymptomatische partner(s) wordt niet aanbevolen.

5. Is het mogelijk recidieven te voorkomen?

Kort na elkaar optredende recidieven vormen een echte ‘handicap’. De patiënt leeft met de angst dat er een aanval kan optreden. Deze onzekerheid veroorzaakt emotionele stress, die op zich nieuwe aanvallen kan uitlokken. Chronische preventieve behandeling verlaagt het aantal recidieven en de duur ervan en vermindert ook de virale excretie. Deze preventieve behandeling wordt voorgesteld aan patiënten met minstens zes recidieven per jaar, of bij ernstige sociaalprofessionele of psychologische gevolgen van de infectie. Dit opschortende effect dient om de 6 à 12 maanden te worden geëvalueerd om het belang van het voorschrijven te bepalen. Deze behandeling levert een spectaculaire vermindering (en bij sommige patiënten zelfs het verdwijnen) van de herpesaanvallen op.

6. Bestaat er een vaccin?

Hoewel een profylactisch vaccin voor herpes genitalis op korte termijn vrij onwaarschijnlijk lijkt, wordt er op het vlak van therapeutische vaccinatie en in het licht van de recentste resultaten van fase II-onderzoek snel vooruitgang geboekt.

Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn0Pin on Pinterest0Email this to someone

Articles similaires