Kinderen ontwikkelen sneller dan hun geneesmiddelen… - VivaGezond

Kinderen ontwikkelen sneller dan hun geneesmiddelen…

Pediatrie beschouwt het kind als een op zichzelf staand wezen in de verschillende fasen van zijn ontwikkeling. Het domein van de pediatrie gaat van genetisch advies vóór of vanaf de conceptie tot psychologische begeleiding tijdens de adolescentie en op het einde van de puberteit. Verder behoren daartoe ook nog de opsporing, behandeling en follow-up van de courante en zeldzame pediatrische ziektes. De pediater stelt de ouders van het kind gerust, geeft hen raad over hygiëne, voeding, risico’s in en om het huis en opvoeding.

Een ontmoeting met professor Samy Cadranel, erekliniekhoofd van het Universitair Kinderziekenhuis Koningin Fabiola (UKZKF), die zijn hele carrière aan de gezondheid van het kind heeft gewijd.

Welke ‘nieuwe’ ziekten zien we bij kinderen?

Prof. Samy Cadranel: Wij spreken niet van nieuwe ziekten, maar wel van ziekten die sterk in opmars zijn. Ik denk onder meer aan zwaarlijvigheid, allergie en kanker. Kanker komt nog altijd zelden voor onder de leeftijd van 20 jaar, maar toch merken we dat kinderen en jongeren steeds vaker getroffen worden door deze ziekte, en dat het eerder om jongens dan om meisjes gaat.

Bij kinderen neemt elk type kanker toe. Leukemie en hersentumoren zijn de types kanker die we in Europa het meest zien bij kinderen, terwijl carcinomen en lymfomen vooral voorkomen bij jongeren. Enig lichtpuntje: de overlevingskans van deze kinderen is de afgelopen 30 jaar spectaculair toegenomen. Dankzij de therapeutische vooruitgang op het vlak van pediatrische oncologie ligt de vijfjaarsoverleving nu op 80% voor elk type kanker bij kinderen.

Daardoor kunnen steeds meer kinderen genezen en de volwassen leeftijd bereiken. Niettemin lopen kinderen die kanker overleven het risico secundaire complicaties te ontwikkelen als gevolg van chemo- en radiotherapie. Uit recente studies blijkt een verhoogd risico op hartcomplicaties in vergelijking met de normale populatie.

Allergieën steken steeds vaker de kop op en treffen vooral de kleinsten…

Prof. Samy Cadranel: Dat klopt, er komen steeds meer allergieën voor in onze streken, zowel bij kinderen als bij volwassenen. In twintig jaar is hun aantal bijna verdubbeld en nu heeft zelfs ongeveer een op de vier kinderen een allergie. Dat kan een voedselallergie, hooikoorts, eczeem of astma zijn.

Verschillende factoren spelen mee in het ontstaan van een allergie: leeftijd van de moeder bij de bevalling hoger dan 30 jaar (zeker als het haar eerste kind is), milieuvervuiling buitens- én binnenshuis, veranderingen in het voedingspatroon, meer bepaald het vroegtijdige diversifiëren bij kinderen, het sedentaire leven en de hygiënehypothese (overdreven hygiëne kan het ontstaan van allergie bevorderen).

De kolonisatie met bacteriën bij de pasgeborene is uiterst belangrijk om allergieën te voorkomen. We stellen verschillende feiten vast: een natuurlijke bevalling geniet de voorkeur, want dat bevordert een doeltreffende kolonisatie van micro-organismen (via de vaginale en fecale flora van de moeder); ook langer borstvoeding geven moet worden aangemoedigd, omdat er zich zo een darmflora ontwikkelt die rijk is aan bifidobacteriën en lactobacillen.

Steeds meer kinderen hebben overgewicht

Prof. Samy Cadranel: Dat is zeker niet alleen een esthetisch probleem: die overtollige kilo’s kunnen grote risico’s inhouden voor de gezondheid van het kind. We mogen ook de sociale en economische gevolgen ervan niet onderschatten. Overgewicht is een aandoening die behandeling en een zorgvuldige follow-up vereist.

Verminderde gevoeligheid voor insuline, verhoogd risico op type 2-diabetes, overbelasting van heup- en kniegewricht, verhoogde bloeddruk en cholesterol, kortademigheid, snurken, slaapstoornissen: stuk voor stuk fysieke gevolgen van overgewicht en zwaarlijvigheid. Let dus op de voeding van uw kind!

Vaccinatie voor iedereen moet worden aangemoedigd

Prof. Samy Cadranel: Vaccinatie is een van de belangrijkste verwezenlijkingen in de geneeskunde. Het is een van de basismanieren om infecties en virale ziekten te voorkomen. Misschien moeten we herinneren aan het succes van vaccinatie: pokken zijn uitgeroeid, in Europa komt zo goed als geen poliomyelitis meer voor, overlijden door mazelen is drastisch verminderd, andere ziekten zijn onder controle (difterie, tetanus, kinkhoest, bof, enz.).

Bepaalde vaccinaties leveren een individueel voordeel op, en andere een collectief voordeel omdat een hele groep immuun wordt. De bevolking ziet daar minder goed het voordeel van in. Als een ziekte uitgeroeid is dankzij vaccinatie, herinneren veel mensen zich alleen nog de eventuele bijwerkingen van het vaccin, al zijn deze, eerlijk gezegd, zeer zeldzaam.

Hoe belangrijk is genetica in de pediatrie?

Prof. Samy Cadranel: De vooruitgang op het vlak van moderne genetica heeft een ommekeer teweeggebracht in de geneeskunde. Dankzij de snelle ontwikkeling van de moleculaire genetica zijn we nu in staat om te voorspellen wie waarschijnlijk een genetische aandoening zal ontwikkelen. We kunnen ook tegemoetkomen aan de vraag van mensen die geconfronteerd zijn met een genetische aandoening en hun persoonlijke genetische status willen kennen, of die van hun kinderen of ongeboren kind.

Verder kan het gebruik van genetische opsporingstests in pediatrisch onderzoek misschien helpen om een beter inzicht te krijgen in ziekten of stoornissen bij volwassenen. Bij mensen die erfelijk het zwaarst belast zijn, zou het ook kunnen leiden tot vroegtijdige opsporing en ontwikkeling van preventieve of klinische behandelingen.

Hoe zit het met nieuwe geneesmiddelen?

Prof. Samy Cadranel: We beschikken ondertussen over vele nieuwe therapeutische oplossingen voor kinderen en jongeren. Er is zowel vooruitgang geboekt in de behandeling van specifieke kinderziekten als in de aanpassing aan de behoeften van kinderen van behandelingen die voordien enkel voor volwassenen bedoeld waren.

Er was lang geen aandacht voor de ontwikkeling van pediatrische geneesmiddelen en dit staat dus nog in de kinderschoenen. Een Europees initiatief wijst echter op een vernieuwde interesse voor galenische vormen die aangepast zijn aan de allerkleinsten. Langzaam maar zeker komt er schot in de zaak. Heel veel geneesmiddelen die we toedienen aan kinderen zijn eigenlijk niet voor hen ontwikkeld, zonder specifiek klinisch onderzoek bij kinderen uit te voeren.

Naar schatting worden bij kinderen gemiddeld 65% van de specialiteiten voorgeschreven voor toepassingen waar geen vergunning voor het in de handel brengen voor bestaat. Daar zijn verschillende redenen voor, onder andere ethische en praktische bezwaren die gepaard gaan met klinisch onderzoek bij kinderen, de specifieke aard en/of zeldzaamheid van sommige aandoeningen in een bepaalde leeftijdscategorie en het geringe enthousiasme van de farmaceutische industrie om te investeren in onderzoek bij deze patiëntenpopulatie.

Nochtans – in tegenstelling tot wat al te vaak beweerd wordt – is de ‘markt’ van geneesmiddelen voor de pediatrie verre van beperkt. De Europese pediatrische populatie, met andere woorden de kinderen jonger dan 18 jaar, bedraagt gemiddeld 20% van de volledige populatie. Dat zijn ongeveer 100 miljoen zuigelingen, kinderen en jongeren.

Bovendien is het goed bekend dat kinderen hun eigen kenmerken hebben (het zijn geen miniatuurvolwassenen). Als we zomaar de regel van drie zouden toepassen ten opzichte van volwassenen dan kunnen er bijwerkingen optreden die soms specifiek zijn voor kinderen, zoals een weerslag op de groei. En dan hebben we het nog niet over de fouten in de posologie, waar we des te meer beducht voor moeten zijn indien een grote verdunning vereist is.

Een mooi beroep

“Inderdaad… dit werk is een echte passie. Dankzij mijn dagelijkse ervaringen en mijn wil om steeds bij te leren heb ik mij kunnen toeleggen op alle facetten van de ontwikkeling van het kind. Kindergeneeskunde is iets heel bijzonders – heel anders dan geneeskunde voor volwassenen, want we hebben te maken met een lichaam dat zich nog aan het ontwikkelen is en dus voortdurend verandert.

Dit vereist een aangepaste aanpak. Dankzij zijn kennis over de werking van het lichaam van het kind kan de pediater vaak situaties die niet ernstig zijn, maar de ouders zorgen baren, tot normale proporties terugbrengen. Hij kan dan een eenvoudige behandeling voorstellen die de gemeenschap niet veel kost en het geneesmiddelengebruik binnen de perken houdt. Vermits hij op de hoogte is van zeldzame ziekten, loopt hij bovendien niet het risico deze ‘over het hoofd te zien’ en kan hij de beste behandeling voorstellen.

Ten slotte heeft hij dankzij zijn algemene benaderingswijze van gezondheidszorg oog voor een breed scala facetten die tot zijn vakgebied behoren, waaronder bijvoorbeeld problemen van psychologische aard, schoolproblemen en de opsporing van sensorische stoornissen (gehoor, zicht).”

Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn0Pin on Pinterest0Email this to someone