Rinitis: allergisch of niet? - VivaGezond

Rinitis: allergisch of niet?

This post is also available in: Frans

20% van de bevolking lijdt aan rinitis. Het is dan ook de belangrijkste reden voor raadpleging bij de huisarts. Toch verlopen diagnose en behandeling niet altijd even vlot. Bij zuivere allergische rinitis (40% van de gevallen) is de basisbehandeling gericht tegen de allergenen.

Bij niet-allergische rinitis (25% van de gevallen) beoogt men het herstel van de nasale homeostase. Gemengde rinitis (35% van de gevallen) vereist een combinatie van beide behandelingen in variabele verhoudingen.

Het probleem bij rinitis is niet banaal. Dat werd onlangs aangetoond in een Europese studie waarbij op basis van een vragenlijst werd vastgesteld dat 19% van de bevolking verklaart te lijden aan allergische rinitis. Indien we ons baseren op de verklaringen van artsen zou de prevalentie slechts 13% bedragen. Deze cijfers moeten worden vergeleken met de realiteit: de prevalentie bedraagt gemiddeld 22-23% (en 28,5% in ons land!) als we rekening houden met de ARIA-criteria, die werden uitgevaardigd door de WHO. Bij 29% van deze patiënten zien we een persisterende rinitis. De diagnose van deze aandoening is dus niet zo eenvoudig als ze op het eerste gezicht lijkt.

Ter herinnering, rinitis is een inflammatoire aandoening van het neusslijmvlies en de neusholte. Het treft de algemene bevolking ongeacht de leeftijd (allergische rinitis komt vaker voor bij jongeren), het geslacht of etnische afkomst. Er moet eveneens een onderscheid gemaakt worden met rinosinusitis (waarbij de sinussen ook ontstoken zijn). Kortom, de impact van rinitis, ongeacht de etiologie, op de levenskwaliteit is aanzienlijk, en dan hebben we het nog niet over de farmaco-economische impact, en meer specifiek over de directe (consultaties, medicamenten…) en indirecte kosten (bv. afwezigheid op het werk).

Allergische rinitis

Mogelijk specifieke symptomen
Het is belangrijk te bepalen of de rinitis allergisch van aard is, omdat het risico op evolutie naar astma frequent voorkomt. Het exacte mechanisme van deze ‘allergische kettingreactie’ waardoor sommige patiënten evolueren van atopische dermatitis naar astma, en dit via allergische rinitis, is niet echt bekend.

In tegenstelling met niet-allergische rinitis gaat allergische rinitis zeer vaak gepaard met oogsymptomen (jeuk, tranende ogen, epifora of ongewone tranenvloed op de wangen), hoofdpijn en neusklachten (het reukzin is verstoord).

Als het geheel van symptomen zich gedurende korte periodes of met episoden voordoet, zal men sneller denken aan een seizoensgebonden rinitis veroorzaakt door pollen. Als ze langdurig optreedt of het hele jaar door, moet men rekening houden met een allergie aan huidschilfers van dieren, schimmels of huissstofmijt.

Eradicatie is de basisbehandeling

Wanneer een allergeen wordt geïdentificeerd, zullen bij eradicatie de symptomen verdwijnen. Maar meestal is dit een illusie en is het niet realiseerbaar, zeker bij huisstofmijt en huidschilfers van huisdieren. Men tracht dan ook de hoeveelheid allergenen te verminderen, wat in het geval van een allergie voor huisstofmijt kan gebeuren door een aantal eenvoudige voorzorgsmaatregelen.

Maatregelen tegen huisstofmijt

– verlucht regelmatig en houdt een gemiddelde temperatuur van 18 à 20°;
– vermijd vast tapijt en vloerkleden;
– reinig regelmatig de vloer;
– ververs met regelmaat het beddegoed;
– voorzie de hoezen van antimijtbescherming;
– verkies synthetische en gemakkelijk wasbare donsdekens boven een dekbed met pluimen;
– koop zo weinig mogelijk pluchen speelgoed; stop pluchen speelgoed enkele dagen per jaar in de diepvries (de koude doodt de mijten);
– plaats afsluitbare kasten in plaats van rekken;
– vermijd behang en wandbekleding die stof aantrekken;
– rookstop is aangewezen omdat een allergische rinitis de gevoeligheid van het neusslijmvlies voor alle irriterende stoffen verhoogt.

Naast deze voorzorgsmaatregelen, die niet altijd voldoende zijn, kunnen antihistaminica een oplossing bieden. Omdat ze echter niet (of weinig) inwerken op de inflammatie, zijn corticosteroïden via nasale weg de tweede pijler van de geneesmiddelenbehandeling. Het gebruik van deze geneesmiddelen mag echter nooit gebeuren zonder het advies van een arts. Indien de symptomen aanhouden zijn er ook nog andere behandelingen mogelijk (immunotherapie, chirurgie…).

Niet-allergische rinitis

Niet-allergische rinitis heeft verschillende oorzaken: infectieus (meestal viraal), hormonaal (tijdens zwangerschap, menstruatie, puberteit of menopauze, of in geval van een aandoening van de schildklieren), medicamenteus, omgevingsgebonden (koude lucht), gelinkt aan irriterende stoffen of atrofie (frequent bij misbruik van decongestiva). Deze vorm van rinitis vertoont symptomen die lijken op de klassieke symptomen van allergische rinitis (zelden oogsymptomen), maar toch zijn er subtiele verschillen in de verschijningsvormen.

De behandeling is uiteraard gericht op de uitlokkende factoren wanneer ze duidelijk aanwezig zijn. Een neusspoeling houdt het vochtgehalte in de neusholte op peil en topische corticosteroïden bestrijden de onderliggende inflammatie. Ook bepaalde anticholinergica hebben, net als topische antihistaminica, reeds interessante resultaten aangetoond.

Share on Facebook0Tweet about this on TwitterShare on LinkedIn0Pin on Pinterest0Email this to someone

Articles similaires